SSGM Nieuwsbrief  - NR.1 OKTOBER 2001

 

 

Ten geleide – bij de eerste nieuwsbrief, oktober 2001

 

Waarom een nieuwsbrief van de Stichting Stop Geluidhinder Maartensdijk? Om onze donateurs en belangstellenden te informeren wat er gebeurt rond de SSGM die u ondersteunt. Informatie waarop u recht heeft en die wij met een zekere regelmaat aan u zullen verstrekken.

 

Het lijkt rustig op het gebied van overlast door mobiliteit, maar schijn bedriegt:

 

De gemeentelijke herindeling heeft zeker vertragend gewerkt en op verschillende werkterreinen geleid tot volledige stilstand van ontwikkelingen die net in gang waren gezet, zoals een gemeentelijk geluidshinderbeleid. In de oude gemeente Maartensdijk was het begrip mobiliteitshinder een bekend fenomeen dat in en rond het gemeentehuis duidelijk waarneembaar was: het lawaai van de A27, het spoor, de Tolakkerweg, de files op de Dorpsweg in de spits en het vliegverkeer van Schiphol. In De Bilt is dat anders. Bestuurders en ambtenaren huizen in een zee van rust in 't groen rond Jachtlust. Zij kennen de problematiek van de voormalige gemeente Maartensdijk onvoldoende. Vandaar dat de SSGM nadrukkelijk contact heeft gezocht met hen (zie elders in deze nieuwsbrief) en onder meer de resultaten van tal van onderzoeken heeft voorgelegd. Wij hopen dat na het jarenlange gepraat en na alle plannenmakerij nu de tijd aanbreekt van concrete maatregelen. Aan de SSGM zal het niet liggen.

 

Frits Jansen, voorzitter SSGM

 

Bestrijding van geluidsoverlast – Wat hebben we al bereikt

 

Zoals u weet worden er al sinds de aanleg van de A 27 in 1972  activiteiten ontplooid om de overlast die deze rijksweg veroorzaakt te bestrijden. In juli 1999 werd de SSGM opgericht om deze overlast op structurele wijze aan te pakken. Doel is het aanbrengen van nieuwe en het vervangen van de huidige, ontoereikende en veelal versleten geluidsschermen.

 

Bestuursleden en adviseurs hebben in nauwe samenwerking met de Gemeente Maartensdijk gewerkt aan het verwerven van expertise ten aanzien van de gecompliceerde regelgeving op het gebied van geluidsoverlast en de bestrijding van deze overlast. Vlak voordat de gemeentelijke samenvoeging plaats vond op 1 januari j.l. heeft de Gemeente Maartensdijk in haar testament twee zaken met betrekking tot geluidsoverlast opgenomen:

·         Als uitgangspunt voor een toekomstig lokaal geluidshinderbeleid wordt de saneringswaarde van 55 dB(A) genomen. Het gaat hierbij om het geluidsniveau bij huizen die dichtbij A27 en spoorlijn liggen;

Over geluidswerende maatregelen (zoals geluidswallen) deed de gemeente Maartensdijk geen uitspraak. Het verzoek van de SSGM om een bedrag van 25 miljoen gulden te reserveren als voorfinanciering van de toekomstige aanleg van geluidswallen werd helaas niet overgenomen.

 

Na de samenvoeging hebben we hard gewerkt aan het tot stand brengen van nauwe banden met burgemeester, wethouders en ambtenaren van de nieuwe gemeente. Inmiddels zijn de contacten dusdanig dat de Gemeente De Bilt een beroep doet op de expertise van onze stichting. De Bilt heeft inmiddels gesprekken gevoerd met de provincie Utrecht over het beperken van de geluidsoverlast van de A27. Intussen heeft de SSGM zelf ook contact gezocht met diverse instanties (zoals de milieudiensten van de provincie Utrecht), deskundigen en adviseurs (bijvoorbeeld het Bureau Sanering Verkeerslawaai uit Woerden) om haar kennis bij te stellen en aan te vullen aan de hand van de laatste ontwikkelingen, om op deze manier een volwaardig gesprekspartner te zijn en te blijven voor gemeente, provincie en Rijk.

 

Op dit moment is het wachten op de gemeente De Bilt. De betrokken bestuurders en ambtenaren hebben, op uitnodiging van de SSGM, een bezoek gebracht aan de door geluidshinder getroffen gedeelten van Groenekan, Maartensdijk en Hollandsche Rading. Zij hebben tot nu toe echter nog geen duidelijke koers bepaald inzake de A27 en de geluidsschermen. Een overleg tussen de gemeente en Rijkswaterstaat, de beheerder van de wegen en de schermen) is in voorbereiding. Onze stichting zal waar nodig de gemeente De Bilt met informatie en kennis ondersteunen.

We hopen u snel meer informatie te geven over verdere ontwikkelingen.

 

 

SCHIPHOL: EEN DREIGEND GEVAAR

 

We kunnen in deze eerste nieuwsbrief niet om Schiphol heen. In juni verschenen alarmerende berichten in het Utrechts Nieuwsblad over plannen om het luchtruim boven onze regio intensief te gaan gebruiken voor vliegverkeer van en op weg naar Schiphol. Wat deze berichten vreemd genoeg niet vermeldden, is het feit dat er op dit moment al straalvliegtuigen overkomen. Met andere woorden: dat het probleem al bestaat. Velen van u zullen hebben gemerkt dat de overlast van grote verkeerstoestellen die, afkomstig van Schiphol, in oostelijke richting vliegen, langzaam maar zeker toeneemt. Af en toe een Jumbo, op grote hoogte, daar schrik je niet van op. Zeker omdat het geluid niet wezenlijk luider is dan het constante geraas van de A27, of de motorvliegtuigjes van het vliegveld Hilversum. Maar als binnen relatief korte tijd meerdere van deze grote kisten laag overkomen, is de overlast aanzienlijk. Een en ander heeft te maken met de voorlopige openstelling van het luchtruim boven de militaire basis Soesterberg. Hierdoor wordt het mogelijk dat Schiphol bij piekbelasting en ongunstige windomstandigheden vertrekkende vliegtuigen pal over onze regio stuurt.

 

De hierboven genoemde plannen van de Nederlandse Luchtvaartautoriteit (NLA) en de Rijks Luchtvaart Dienst (RLD) komen neer op een permanent gebruik door onze nationale luchthaven van het luchtruim boven Soesterberg, De SSGM heeft het ministerie van Verkeer en Waterstaat benaderd met de vraag: “Wat kunnen wij verwachten met betrekking tot de intensiteit van het vliegverkeer als het luchtruim eenmaal is opengesteld?” Het antwoord luidde als volgt:

“Nagenoeg hetzelfde beeld als nu, behoudens algemene groei. Het naderend vliegverkeer zal zich waarschijnlijk iets in zuidelijke richting verplaatsen. In algemene zin wordt er ook niet iets substantieels veranderd in de afhandeling van de vliegtuigen, daarvoor is het gebiedje te klein.”

Een geruststellende reactie, zo lijkt.  Hoewel: wat betekent ‘algemene groei’ precies? En over welk ‘naderend’ (bedoeld wordt: dalend) verkeer heeft V&W het precies? Immers: het overgrote deel van de toestellen die op dit moment overkomen, stijgen en vliegen in oostelijke richting. Navraag bij de provincie Utrecht leert dat men daar uiterst wantrouwend is. Beleidsambtenaar Susan Kreuger meldde ons dat zij denkt dat het ministerie, teneinde Hilversum te ontlasten, de koers van een deel van de vliegtuigen die daar overkomen en voor veel klachten zorgen, in zuidelijke richting wil verplaatsen – in de richting van de regio rond Maartensdijk, dus. En secretaris Van der Pluijm van de Commissie Geluidshinder Schiphol – een door het ministerie in het leven geroepen organisatie die onder meer klachten registreert - zei ons dat zij verwacht dat V&W om  de groei van het vliegverkeer te kunnen opvangen, stijgende en dalende vliegtuigen, die nu nog een route volgen iets ten noorden van Hilversum - over onze regio zal ‘spreiden’.

Op dit moment is de strijd in volle gang tussen minister Netelenbos (en NLA en RLD) aan de ene, en de provincie Utrecht en een aantal gemeenten in deze regio aan de andere kant. Zoals u onlangs kon lezen in De Vierklank en de Bilt- en Bilthovense Krant willen provincie en gemeenten in inspraakprocedures bereiken dat het ministerie haar plannen aanpast. Een voorstel is het hanteren van minimale vlieghoogtes, bijvoorbeeld van 6000 voet (2 kilometer) boven gebieden op 40 kilometer van Schiphol. 

Er is echter nog een tweede ontwikkeling. Een adviescommissie onder leiding van de Delftse hoogleraar Berkhout, evenals een aantal politici, onder meer van Groen Links en D66, en milieuorganisaties, denken dat de toenemende overlast van Schiphol alleen dan aan te pakken is als in een groot gebied rond de luchthaven, waartoe onder meer onze regio behoort, meetpunten worden geďnstalleerd.

Minister Netelenbos van V&W, die het kabinetsstandpunt dat Schiphol moet kunnen groeien ‘binnen bestaande milieugrenzen’ met hand en tand verdedigt, is hier echter op tegen. Zij vindt een klein aantal meetpunten dichtbij Schiphol voldoende en heeft zelfs haar eigen commissie-Berkhout gepasseerd. Haar critici doorzien de strategie van de minister: als het aantal meetpunten beperkt in aantal blijft, kan de toenemende overlast van vliegtuigen iets verder weg van Schiphol eenvoudigweg niet worden gemeten en aangetoond. En wat je niet meten kunt, bestaat niet. Vandaar dat de Utrechtse bestuurders hebben aangekondigd eventueel zelf meetpunten te plaatsen.